1995 Nieuwe organisaties en vrijwilligers voor vluchtelingen

Didier Vanderslycke

‘Een diverse groep van maatschappijkritische actoren is minder makkelijk te manipuleren’

Naam: Didier Vanderslycke
Organisatie: ORBIT vzw

ORBIT vzw (voorheen KMS - Kerkwerk Multicultureel Samenleven) wil dat mensen, organisaties en overheden ‘thuis komen in de wereld van diversiteit en migratie’. Het feit dat mensen en groepen met een verschillende levensbeschouwing zich inzetten voor ORBIT is een meerwaarde. Mensen putten kracht uit hun levensbeschouwing en zetten die kracht in voor een menswaardig migratiebeleid.

Een voorbeeld: eind jaren negentig voerde KMS met andere organisaties acties onder de noemer: Kerkasiel voor mensen zonder papieren. Die acties gingen vooraf aan de regularisatiecampagne van december 1999. We gaven uitgeprocedeerden in kerkgebouwen tijdelijk bescherming tegen de harde hand van de overheid. Er was ook behoefte om structurele hulpverlening te bieden in plaats van alleen op piekmomenten. KMS animeerde toen Kerkasiel.anders: een oecumenisch netwerk rond asiel en migratie.

De acties hebben de maatschappelijke inzet verruimd en hadden resultaat. ORBIT heeft een vaste plek in het middenveld dat samenleving, burgers en overheden helpt omgaan met nieuwkomers en vice versa. Het wil de mensenrechten waarborgen van kwetsbare nieuwkomers. Dat is geen zaak van overheden alleen. Organisaties moeten het slecht functioneren van de opvang signaleren. Een sterk middenveld kan druk zetten om verbeteringen door te voeren. De tripartite overheid-middenveld- burgers is een sterk instrument voor de aanpak van maatschappelijke uitdagingen.

Na een periode van ontzuiling voelen velen zich minder geroepen om zich duurzaam aan één organisatie te binden. Ik sta sceptisch tegenover een neutralisering van het middenveld. Bewegingen met een sterke spirituele, inhoudelijke en politieke ondergrond moeten die identiteit vasthouden. Een diverse groep van maatschappijkritische actoren is minder makkelijk te manipuleren. We zitten nu in een transitieperiode. De groeiende nationale Migratiecoalitie - waar ORBIT sterk voor ijvert - en de band met 11.11.11 en de Noord-Zuidbeweging vormt een interessante tandem. De tocht naar een rechtvaardige superdiverse migratiesamenleving is op zo’n tandem minder lastig.’

Linda Delva

‘Het werken met vluchtelingen heeft mijn leven enorm verrijkt’

Naam: Linda Delva
Organisatie: Vzw Limburgs Platform voor Vluchtelingen

Samen met een bevriend koppel zijn mijn man en ik eind jaren negentig begonnen met het opvangen van vluchtelingen in ons huis. We vonden het onaanvaardbaar dat sommige vluchtelingen op straat moesten slapen. Hebben wij geluk dat wij aan deze kant van de aardbol zijn geboren en hebben zij pech? Dat is toch niet eerlijk. Iedereen verdient evenveel kansen.

Bijna dertig jaar later doe ik nog steeds vrijwilligerswerk met mensen op de vlucht. Ik spreek me niet uit over hun vluchtverhalen. Dat is mijn taak niet. Ik wil het leed van deze mensen samen dragen en er voor hen zijn. In ruil heb ik altijd enorm veel vriendschap en erkenning teruggekregen. Het heeft mijn leven en dat van mijn man en kinderen enorm verrijkt.

Op een bepaald moment hebben alle vrijwilligers die in Limburg met vluchtelingen werken zich verenigd in het Limburgs Platform voor Vluchtelingen. Ik wilde samen met andere vrijwilligers zoeken naar oplossingen en knelpunten zichtbaar maken bij de verschillende overheden. Na de schrijnende foto van de aangespoelde kleuter Aylan op een Turks strand in september 2015 kwam er een grote golf van solidariteit op gang. Mijn mailbox zat overvol. Mensen wilden weten hoe ze konden helpen. Het is mooi om te zien dat het vluchtelingenwerk in Limburg vandaag door een grote groep vrijwilligers wordt gedragen. We zijn toen ook gestart met onze website limburggastvrij en een wekelijkse nieuwsbrief.

Het vrijwilligerswerk is anders dan voorheen. Vroeger waren vrijwilligers manusje van alles. Vandaag hebben mensen bijvoorbeeld één dag per week tijd en willen die dag aan een specifieke taak besteden. Het werk dat vrijwilligers doen, is heel belangrijk. Het vergroot de integratiekansen van de vluchtelingen en ook het draagvlak bij de bevolking. We werken goed samen met het brede middenveld, omliggende gemeenten, OCMW’s en de provincie. Zij ondersteunen ons op heel wat vlakken waardoor wij mee het verschil kunnen maken voor de mensen op de vlucht.’

Geert Matthys

‘Vluchtelingenkinderen zijn gewone kinderen met ongewone ervaringen’

Naam: Geert Matthys
Organisatie: VVKSM De Speelvogels in Gent

In 2000 richtten we in Gent een nieuwe scoutsgroep voor kinderen van vluchtelingen op. We wilden specifiek iets voor deze kinderen doen, omdat we vonden dat zij vaak over het hoofd werden gezien. Ouders werden geholpen bij het in orde maken van de papieren of het zoeken naar een geschikt huis. Maar aan de kinderen werd vaak weinig aandacht besteed. Wij hadden vaak al een vertrouwensband met de ouders. Daarom was het makkelijk om de kinderen tot hier te laten komen.

We organiseerden elk jaar een vakantiekamp voor zo’n zestig vluchtelingenkinderen. Ook tijdens het schooljaar verzorgden we activiteiten. We vielen altijd op als we met onze gekleurde bende ergens aankwamen. Onze filosofie was: ‘Het zijn gewone kinderen met ongewone ervaringen.’ Als een kind iets niet wilde, dan forceerden we het niet. Ik herinner mij een jongetje waarmee we op uitstap waren in de Ardennen en dat niet bij de groep bleef. Hij liep altijd naar het hoogste punt want dan kon hij zien of er gevaar dreigde.

We probeerden deze kinderen wat bescherming te geven. Tegelijk was het de bedoeling om de plaatselijke jeugdwerking gevoelig te maken voor de thematiek van kinderen van vluchtelingen. Kinderen die al een tijdje bij ons kwamen en zelfredzaam waren, stimuleerden we om de stap naar een reguliere sportclub of naar de gewone jeugdbeweging te zetten. Later hebben we ook workshops interculturaliseren gegeven aan de leiding van andere scoutsgroepen.

Vandaag bestaat onze scoutsgroep met vluchtelingenkinderen niet meer. Er is in het jeugdwerk meer aandacht voor diversiteit, maar het onderscheid tussen vluchtelingenkinderen en kinderen van migranten wordt niet gemaakt. Terwijl het toch om een heel andere groep met verschillende behoeften gaat.’

Josée Goethals

‘Vrijwilligers zijn sterk in persoonlijke contacten’

Naam: Josée Goethals
Organisatie: Vluchtelingen Initiatief Zemst (AZIZ) en Gastvrij Netwerk van lokale vrijwilligersorganisaties voor vluchtelingen

Vroeger hadden vrijwilligers nauwer contact met de asielzoekers. AZIZ ging regelmatig op bezoek in het lokaal opvangcentrum en organiseerde vaak uitstappen.

Vandaag is de situatie anders. De asielprocedure is korter, wat op zich een goede zaak is omdat asielzoekers minder lang in onzekerheid zitten. Maar het zorgt ook voor een grotere afstand tussen asielzoekers en de lokale bevolking. De afstand is minder groot als de professionele hulpverleners de ruimte krijgen om met buddy-vrijwilligers aan lokale integratie te werken.

Sommige politici maken handig gebruik van de toegenomen afstand en vertellen om het even wat over vluchtelingen. Wie een vluchteling of asielzoeker persoonlijk kent, krijgt vaak een heel andere mening dan wie er geen contact mee heeft.
De Vlaamse overheid heeft voor alles wat met integratie te maken formele diensten uitgebouwd en toegewezen aan professionele organisaties. Toen AZIZ in 2001 begon, bestond dit nog niet en waren het de vrijwilligers die de asielzoekers naar taallessen of de VDAB brachten. Nu bereikt het inburgeringsbeleid alle nieuwkomers.

Vrijwilligersorganisaties passen zich aan. Ze blijven sterk in persoonlijke contacten en betrokkenheid. Ze denken pro-actief mee, geven informatie, bieden ondersteuning en bouwen aan netwerken. Er zijn veel interventies zonder naam waarmee de vrijwilligers niet te koop lopen, maar die ze beschouwen als een humane job waarmee ze vluchtelingen helpen thuiskomen. Een georganiseerde groep biedt meer mogelijkheden om dit soort werk duurzaam vol te houden. Meerdere organisaties trekken zich ook het lot aan van mensen zonder wettige papieren, de uitgestotenen van tegenwoordig. Tegelijk leggen de organisaties bruggen tussen oude en nieuwe bewoners door diverse sociale, informatieve, en culturele activiteiten in de lokale gemeente te organiseren, zoveel mogelijk in samenwerking met andere verenigingen. Zo houden we solidariteit in stand.’

Jo De Winter

‘Mijn gevoel van machteloosheid wordt steeds groter’

Naam: Jo De Winter
Organisatie: Vluchtelingenwerkgroep Wetteren

VVijfentwintig jaar geleden wilden we iets voor de vluchtelingen doen. Alleen waren er in Wetteren helemaal geen vluchtelingen. We hebben toen een Angolees gezin uit het Rode Kruiscentrum in Deinze naar onze gemeente gehaald. Het waren ‘onze’ vluchtelingen, prachtige mensen. We waren enorm fier op hen. Enthousiast gingen we op zoek naar een huis en spullen om het in te richten. De vrouw kon heerlijk koken. Na dit gezin kwamen er meer vluchtelingen naar Wetteren. We hielpen bij het in orde maken van de papieren. We gaven feesten en maakten plezier. Het was een heel hoopvol begin.

Vandaag worden asielzoekers bij aankomst in ons land opgevangen door een Lokaal Opvang Initiatief (LOI). Onze vluchtelingenwerkgroep krijgt pas met hen te maken als ze zijn uitgeprocedeerd. Wij gaan aan de slag met de groep waar de overheid niets mee te maken wil hebben. Dat is zwaar werk. We hebben weinig reden meer om een feestje te organiseren. Veel asielzoekers hebben psychische problemen. Hoe kunnen wij hen helpen? Als iemand het koud heeft, probeer je een vuurtje te maken om hem op te warmen. Maar de achterliggende reden waarom hij het koud heeft, kan je niet oplossen.

De sfeer is ook anders. De regels zijn strenger dan vijfentwintig jaar geleden. De bereidheid om mensen in nood te helpen is minder groot. Hoe sneller we ze kwijt zijn hoe beter, denken sommigen. Desnoods laten we ze verdrinken in de Middellandse Zee. Mijn gevoel van machteloosheid wordt steeds groter. De hoop dat afgewezen asielzoekers alsnog een positief antwoord krijgen of worden geregulariseerd nadat ze zijn uitgeprocedeerd, heb ik niet meer. Onze vluchtelingenwerkgroep doet nog steeds goed werk. Maar over twee jaar stop ik er mee. Dan is het goed geweest.’